Hogedonk, een erkend natuurreservaat.
Hogedonk, het pas als
natuurreservaat erkende natuurgebied, ligt in de vallei van de Beneden Dender.
Het omvat het niet - bebouwde deel van het overstromingsgebied tussen Aalst en Dendermonde en ligt op het grondgebied van de deelgemeenten Hofstade, Gijzegem, Herdersem en Mespelare. Het heeft als hoofdfunctie: natuur met mogelijkheden van bosbouw en landbouw, op ecologische manier beheerd.
Volgens de BWK (
Biologische
Waarderings
Kaart) is het een concentratie van biologisch zeer waardevolle zones in de natste gedeelten en waardevolle oude Dendermeanders.
Op de hogere terreingedeelten bestaat de bodem uit lemige zandgronden, lichte zandleemgronden, zandleemgronden en kleigronden in de rand.
Het is een vlak gebied variërend van 5m tot 10m. Men vindt in het gebied 7 hoge donken in het halfopen landschap. Een donk is een zandheuvel die voorkomt in laaggelegen rivierengebied. Ze zijn ontstaan in de laatste ijstijd. Er was toen nauwelijks vegetatie en de wind blies het zand tot duinen waarvan een donk een type duin is.
De Dender snijdt het gebied letterlijk in twee. De Dender, of Tanara, ten tijde van de Kelten, is niet alleen een regenrivier maar tevens de snelststromende rivier van Vlaanderen.
De belangrijkste zijbeek van de Dender is de Leedse Beek of Grote Beek die door het visiegebied loopt. Ze komt van Lede om via Gijzegem in de Dender te vloeien.
Daarnaast zijn er ook nog de Molenbeek (van Hofstade) en de Windgatbeek (Wieze – Denderbelle)
Op de rechteroever loopt de oude Dender die deels het traject van de historische Dender volgt.
Op Hogedonk treft men in de rand
valleibossen aan en
populierenbossen op de natste percelen.
In de valleibossen vindt men beperkte voorjaarsflora: dagkoekoeksbloem, muskuskruid,bosanemoon, ...
De boomlaag bestaat uit populieren, gewone es, zwarte els en schietwilg.
Op de natste percelen met de populierenbossen kan men grote vossestaart, glanshaver, akkerdistel aantreffen. Meestal is er echter verruiging met grote brandnetel, moerasspirea,gewone engelwortel, bereklauw en kleefkruid.
Bij de struweelvoming groeit éénstijlige meidoorn, sleedoorn, gelderse roos, bramen, gewone es, zoete kers en zwarte els.
Graslanden maken het grootste deel uit van het gebied. Beemdgras – raaigrasweiden met beperkte soorten als raaigras, veldbeemgras, kruipende boterbloem, madeliefje, pinksterbloem en scherpe boterbloem. Op deze graslanden vindt intensieve landbouw plaats met als gevolg gebruik van drijfmest en/of kunstmest.Tot de soortenrijke graslanden behoren de kamgraslanden met kamgras, reukgras, pinksterbloem, echte koekoeksbloem, ruige zegge, timoteegras en zomprus.
De dotterbloemgraslanden zijn eerder beperkt, dit door een gebrek aan beheer in het verleden wat een nefaste invloed had op de vegetatie.
Het gebied is doorweven met
kleine landschapselementen zoals knotboomrijen, poelen en oude Dendermeanders.
Als men door Hogedonk wandelt of fietst ziet men een gebied dat is doorsneden met grachten en greppels. Dit voor de ontwatering van de weilanden. Er is een wisselende waterkwaliteit afhandelijk van met welke afvoerende grote beken deze in verbinding staan.
De waterkwaliteit is de laatste jaren sterk verbeterd maar er is nog werk, véél werk aan de winkel.
Het verbeteren van de waterkwaliteit is een prioriteit voor de natuurvereniging !
Vandaar ook de keuze van de stekelbaars als mascotte en symbool van het natuurgebied.
Sommige greppels of grachten bevatten biologisch dood water wat resulteert in geen of nauwelijks
water – of oeverplanten. In andere, daarentegen, kan men fonteinkruid, kroos, waterviolier ... terugvinden. Ook gele waterkers, egelboterbloem en veenwortel. In de minder geruimde greppels merkt men liesgras, rietgras, moerasspirea, grote valeriaan en op de oevers wolfspoot, watermunt, bitterzoet, pinksterbloem, gele lis, helmkruid, tandzaad, ...
De verbeterde waterkwaliteit heeft er voor gezorgd dat heel wat
vogels de laatste tien jaar opnieuw de weg naar Hogedonk hebben gevonden. Aalscholver, ijsvogel, fuut maar ook blauwborst, rietgors, roodborsttapuit en de voorbij winter, tureluur en zelfs kemphaan. Purperreiger heeft ons ook al verrast met een bezoek. De strenge vrieskou rond de jaarwisseling zorgde er eveneens voor dat tientallen tafeleenden, kuifeenden, krakeenden, wilde eenden, slobeend, wintertaling, pijlstaart, zaagbek enz ... hun heil kwamen zoeken op Hogedonk. Scholekster en kievit behoren ook tot onze broedvogels op Hogedonk.
Het gebied is de vaste verblijfplaats geworden van een koppel ooievaars. Het plaatsen van een ooievaarspaal op Hogedonk was dan ook het logische gevolg en voor de vereniging een uniek moment ! Nu nog even wachten op het eerste broedgeval.
Een reigerkolonie heeft zich gevormd te Mespelare. Tot 15 reigers werden er geteld.
Ook
zoogdieren vinden hun gading op Hogedonk.
Oa. vos, haas, konijn, hermelijn, wezel en bunzing kan men er met wat geluk ontmoeten en in de Grote Meersen hebben reeën een onderkomen gevonden.
Als natuurvereniging willen we een paar
doelstellingen nastreven:
Het behoud en ontwikkelen van valleibossen,(elzenbossen, elzenbossen met zegges).
Het behoud van natte ruigten (moerasspirearuigten, rietruigten, grote zeggevegetaties en open water).
Het behoud en ontwikkelen van kamgraslanden in open landschap idem voor de zilverschoongraslanden.
Het behoud en ontwikkelen van soortenrijke graslanden van verschillende vochtigheidsklassen, dooraderd met kleine landschapselementen, KLE'n en bosjes zoals dotterbloemgraslanden op kwelsituaties, mesofiele graslanden op de drogere bodems.
Door hooilandbeheer, begrazingsbeheer en hooiweidebeheer trachten we deze doelstellingen te bereiken.
Als bosbeheer worden de populierenbossen omgevormd tot valleibos. Tevens omvormingsbeheer van populierenbossen naar niet – bosvegetaties. Een deel van de populierenbossen zijn eerste-generatiebossen op voormalige hooilanden en natte ruigtes.
Sommige bezitten potentiëel botanische of historisch gekende waarden die hoog zijn en daar wordt geopteerd voor het omzetten van populierenbossen naar hooilanden of natte ruigten.
Dus herstel van grazige vegetaties in kwelzones (herstel dottergrasland en natte ruigten) of herstel van de drogere bodems. (herstel mesofiele hooilanden)
Uiteraard ook zorg voor onze KLE'n waaronder hagen, bomenrijen, knotboomrijen, oude Dendermeanders, bosjes en poelen. Recent werd reeds een poel hersteld.
Dat het beheer van dit jonge gebied zéér arbeidsintensief is, hoeft geen betoog.
Wie graag zijn steentje bijdraagt aan het beheer van het gebied is uiteraard van harte welkom !
Men hoeft geen specialist terzake te zijn om mee te helpen aan de diverse beheerswerken.
Het is uiterst boeiend om mee te maken hoe het jonge gebied zich ontwikkelt .
Er worden regelmatig inventarisaties georganiseerd: planteninventarisaties, een maandelijkse watervogeltelling, insektenwandeling/inventarisatie, enz ... Dit jaar wordt de zoektocht gestart naar greppelsprinkhaan en zeggekorfslak.
Voor wie het gebied wil bezoeken, staan altijd gidsen klaar om een woordje uitleg te geven over wat Hogedonk te bieden heeft.
Brian Roelandt
conservator Hogedonk